Enlarge our ministry influence in the city

“en zij loofden God en stonden in de gunst bij het gehele volk. En de Here voegde dagelijks toe aan de kring, die behouden werden.” Handelingen 2:47 [NBG]

Onze Bediening in de Stad betekent meer LIEFDE tonen in de Stad

Om als bediening onze invloed in de stad te vergroten moet het voor een ieder duidelijk zijn dat we enkele stappen moeten zetten. Het is geen tijd om stil te staan of om ons terug te trekken. Wij dienen minimaal de volgende twee dingen te doen:

  • ons in de stad laten zien, horen en ervaren,

  • actie ondernemen in ons persoonlijk leven.

Om als bediening gezien, gehoord of ervaren te worden, tevens de acties die wij ondernemen, dient alles in lijn te zijn met het doel van ons bestaan. Elk van ons is in principe bezig met een groeiproces, indien wij ons invloed willen doen toenemen. Niemand moet kiezen om achter te blijven of mag achter worden gelaten. Het is een gezamenlijk groeiproces. Dit houdt in dat wij egoïsme geen plek mogen geven in ons leven maar dat wij een ander uitnemender dienen te achten dan onszelf (Fil 2:3). Dit is misschien makkelijker gezegd dan gedaan, maar het is wel mogelijk en is een opdracht. Het is een opdracht van de Here Jezus Christus, door wie wij geroepen en uitgekozen zijn. Daarom voelen wij ons geroepen onze invloed in de stad te vergroten. Voor uitbreiding van invloed zal nodig zijn: meer gebed en vooral voor anderen, vasten, kerkonderwijs en meer goede omgang met elkaar voornamelijk de “gemeenschap der heiligen”.  

Onderricht in de Bediening en aan de Stad

Onderwijs genieten is een actiepunt voor ons allen. Zodat wij ten eerste recht komen te staan met God. Hierdoor ondergaan wij een heiligingsproces en zullen gedurende dit proces door de stad ervaren worden. Wat de stad uiteindelijk moet zien, horen en ervaren is Jezus Christus. Dit betekent dat de stad van ons LIEFDE moeten ervaren. Wij moeten zeker zijn van ons geloof als wij in een mooie stad, als van ons, een impact willen maken. Een stad:

  • bekend om het opwekken van de diverse lusten in de mens welke zelfs gelovigen kan verblinden voor de weg die naar God leidt.

  • die kinderen wegrukt uit de zorgzame handen van diens ouder(s) of verzorger(s).

  • die ouder(s) en kind(eren) van elkaar doet vervreemden.

  • die gezonde relaties en huwelijken vernietigt.

  • die alles lijkt toe te willen staan wat God niet wil.

Toch moeten wij niet bang zijn om te gaan. Wij moeten zonder angst voor deze stad zijn, zoals Jeremia werd bemoedigd (Jeremia 1:17) en de mensen in de stad vertellen wat God ons zegt om aan hun door te geven. Wij dienen het goede nieuws voortdurend te verkondigen, en niet moe worden dit te doen. Nu is er nog tijd om dit te kunnen doen en om tot God te komen, want morgen is ons niet beloofd.


Ontvangst van de Stad door en in de Bediening

Wij dienen gereed te zijn om de menigte uit de Stad, welke het goede nieuws heeft gehoord, op te (kunnen) vangen. Door het onderwijs aangaande discipelschap, zal wat de stad gehoord heeft nu ook worden ervaren in ons midden. Niemand is belangrijker dan een ander. Wij dienen elkaar in de liefde te verdragen en de eenheid te bewaren (Ef. 4:1-16). Elk persoon is nodig en kan zich nuttig opstellen, dit door zich open te stellen voor Jezus Christus en zich dienstbaar te maken binnen de Bediening. Alle goede werken heeft God reeds gemaakt voor ons om daarin te wandelen (Ef. 2:10). Voor het volk dat reeds onderweg is zullen we jong en oud uiteindelijk dienen te begeleiden naar hun plek binnen hun nieuwe Thuis, zodat zij ook, door God, doelgericht kunnen leven. Verder dienen wij allen steeds op te passen voor het toelaten van afgoden in ons leven (1 Joh. 5:21).

Actiepunten

  • Bidden voor meer werkers voor onder anderen: evangelisatie door de Bediening, begeleiden van mensen in de Bediening, meer onderwijs voor allen in de Bediening en in de Stad.  (Mat. 28:16-20; Luk. 10:2-3; Hand. 2:42)

  • Bidden en Vasten om de bolwerken van de vijand te slechten. Dus zeker ook voor zijn bolwerken in onze Stad.  (2 Kor. 10:4-6; Mat. 17:21)

  • Blijven geloven in de belofte aan de Bediening en nodige voorbereidingen treffen. Wij hebben die opdracht gekregen om “daarmee niet karig” te zijn. (Jes. 45:2-3; 54:2-3)

  • Fellowship met elkaar. (Hand. 2:42; Hebr. 10:24-25)

Groet

Kenery Oron, een dienstknecht van de HERE Jezus Christus